"Dromer", NBKS Breda 2002 |
|
De presentatie Dromer
toont werk van vier kunstenaars. Zij kennen elkaar al sinds hun
studie aan de Koninklijke Academie voor Kunst en Vormgeving in
Den Bosch, waar ze in 1982 afstudeerden. De vier hebben elkaar
door de jaren heen gevolgd en kwamen elkaar tegen bij openingen
van tentoonstellingen. Deze twintigjarige relatie krijgt met de
presentatie bij de NBKS vorm. De titel Dromer geeft volgens Cor Dera aan dat ze mensen zijn die geloven in een zelf gekozen ideaal. Ze zijn geen harde realisten; een dromer gelooft immers tegen beter weten in. Hij of zij kijkt anders tegen de wereld aan en bevindt zich nooit in het middelpunt. Naast een mentaliteit die zij bij elkaar herkennen delen zij ook een bepaalde werkwijze. Zij gebruiken soms letterlijk beelden uit de werkelijkheid als uitgangspunt of verwerken alledaagse materialen in hun werk. Dat wil niet zeggen dat deze overeenkomsten ook leiden tot een eenduidig of eenvormig beeld. Integendeel. In de schilderijen van Peter Geerts vind je een geheel eigen verbeelding die past in de beste traditie van het schilderen. Namen als Kandinsky, Schwitters, de Kooning en Rothko noemt hij als voorgangers waar hij grote waardering voor heeft. Wat hem vooral bezighoudt is de constructie van het beeld en het meest elementaire in het schilderen. Het pure schilderen is voor hem de kern. Het werk van Helma Veugen kenmerkt zich door de heel eigen wereld van waaruit de beelden ontstaan. Gevoelens en gedachten als: overkoepelen, het extreem druk hebben, de binnen- en de buitenwereld, verdriet maar ook een film of een verhaal kunnen het beginpunt zijn voor een serie werk. Figuratieve elementen spelen inhoudelijk een belangrijke rol in haar werk. Haar aanpak ligt tussen het schilderen en de collage in. Het ruimtelijke werk van Ans Verdijk heeft weer een ander uitgangspunt. Verwijzingen naar de wereld van de textiele kunst door het gebruik van concepten als een tapijt of een kleed, materialen als knopen, breipennen en knotten wol, oude kledingstukken en ander gevonden materiaal, leiden tot boeiende installaties in de ruimte. De vervreemding van alledaagse materialen is heel belangrijk. Door schaalvergroting, herhaling en grote aantallen vervreemd het triviale materiaal en vormt een fraai beeld. Het gevonden materiaal en de associatie die dit bij haar oproept zijn heel vaak aanleiding voor haar werk. Cor Dera heeft als uitgangspunt voor zijn werk de natuur. Vooral hoe de visie van de mens op de natuur en zijn relatie met die natuur zich ontwikkelt. Natuur was vroeger iets angstaanjagends. Nu we echter tot de basis van de natuur, de genen, zijn doorgedrongen groeit de waardering en het gevoel van de schoonheid. Dit brengt hij in beeld door bestaande afbeeldingen van de natuur uit tijdschriften, boeken en bij fotoagentschappen te kiezen, te verzamelen en te gebruiken. |

